| . | ![]() |
. | |
![]() |
|
![]() |
![]() | ![]() |
![]() | ![]() |
![]() | ![]() ![]() | ![]() |
|
. |
De geschiedenis van de Dow Jones
De financier en beurshandelaar Charles Dow heeft met zijn
aandelengemiddelden beoogd om beter
inzicht in de effectenmarkt te creëren voor buitenstaanders. Natuurlijk
waren ook degenen die op Wallstreet werkten, mogelijke gebruikers van zijn inzichten, maar alleen hiervoor heeft hij zijn idee niet ontwikkeld. Toen Charles Dow op Wallstreet aankwam ging het voornamelijk om het beleggen in obligaties. De beleggers waren voornamelijk geïnteresseerd in effecten die als basis 'machines, fabrieken en andere vaste activa' hadden. Zij waren gerustgesteld door de regelmatigheid van het inkomen dat de obligaties genereerden en ook de specifieke data waarop zij hun initiële belegging terug konden verwachten. De aandelenmarkt daarentegen handelde in 'aandelen van eigenaarschap' maar gaven geen specifieke claim op het bezit van het bedrijf. De beleggers op WallStreet vonden het moeilijk om de dagelijkse volatiliteit van 1/4 omhoog en 1/8 naar beneden te analiseren, of de aandelen nu over het algemeen aan het stijgen, dalen of gelijk bleven. Charles Dow ontwierp zijn aandelengemiddelde om juist een beetje orde te scheppen in deze verwarring. Hij begon in 1884 met 11 verschillende aandelen, waaronder de meeste 'railroads' de spoorwegen. Op dat moment waren de spoorwegen in de V.S. de grootste en meest zekere ondernemingen. Dit was ook de reden dat deze aandelen een dominerende rol speelde in het eerste gemiddelde van Charles Dow. Er waren maar een klein aantal aandelen van industriële ondernemingen die publiekelijk werden verhandeld, deze werden dan ook als erg speculatief beschouwd. Op 26 mei 1896 introduceerde Charles Dow de 'industrial average'. In oktober van datzelfde jaar liet het originele aandelengemiddelde van Dow zijn laatste niet-spoorwegen aandeel vallen en werd het "20-stock railroad average". De 'utilities average' kwam uiteindelijk pas in 1929, meer dan een kwart eeuw na de dood van Charles Dow, die stierf op 51 jarige leeftijd in 1902. De 'railroad average' werd in 1970 hernoemd en heette vanaf toen de 'transportation average'. Nu, heden ten dage, zijn er natuurlijk veel verschillende indicatoren om de belegger te vertellen wat de aandelenmarkt aan het doen is. Maar de meeste mensen vertrouwen alsnog op de Dow Jones Industrial Average. De Dow Jones Industrial Average is gesynchroniseerd met andere grote markt barometers, dit ondanks het verschil in de manier van berekening. De Dow is een ongewogen gemiddelde, dit terwijl bijna alle andere indexen juist gewogen gemiddelden zijn, het houdt dan in dat dat ze berekend worden door de prijs maal het aantal uitstaande aandelen. Ook omdat de Dow berekend wordt over een veel kleiner aantal aandelen dan de andere indexen. De 30 Dow industriële aandelen representeren elke belangrijke sector op de Amerikaanse markt ( behalve de transportation en utilities sectoren) en deze reageren op elke belangrijke factor in de economie. Er is geen regel voor
aandelen die genoteerd staan op de Nasdaq om ook eventueel in aanmerking te
komen voor een
notering op de Dow Jones Industrial Average. De traditie om 'Big Board'
aandelen hiervoor te
gebruiken, komt van Charles Dow's intentie om alleen 'respectabele' aandelen
te gebruiken voor zijn
gemiddelden. Uiteindelijk werden zijn keuzes de "blue chip" bedrijven van
Amerika. Nu is het ook zo dat
er een aantal "blue chip" bedrijven juist gekozen hebben om verhandeld te
worden op de Nasdaq.
Onder andere hierdoor neemt het belang van de Nasdaq de laatste tijd sterk
toe, maar dit is
voornamelijk omdat de meeste hightech bedrijven genoteerd
staan op de Nasdaq
en deze beginnen langzaam de rol over te nemen van de traditionele
bedrijven.
|